Uit echtscheiding op maat:
Hier vind je een aantal veel gestelde vragen met bijbehorende antwoorden.
-
Hoe verloopt de verdeling van het gemeenschappelijk vermogen?
-
Welke bepalingen gelden voor het vaststellen van de partneralimentatie en/of de kinderalimentatie?
-
Hoe verloopt de verevening of verrekening van de opgebouwde pensioenrechten?
-
Welke zaken spelen een rol van betekenis bij de afspraken over de kinderen?
- Wat zijn uw rechten waar het de omgang met en het gezag over uw kinderen betreft? Welk recht heeft u op informatie en consultatie?
-
Wat wordt er verstaan onder de bijleenregeling?
-
Kunnen lijfrentepolissen en spaarhypotheekpolissen verdeeld worden zonder fiscale sancties?
Het ministerie van justitie heeft het het indexerings-
percentage voor alimentaties voor het jaar 2008 bekendgemaakt. Dat is vastgesteld op 2,2%.
Dit percentage is zowel van toepassing op alimentaties die door partijen zijn afgesproken als voor bedragen die door de rechter zijn vastgesteld. De verhoging vindt van rechtswege plaats.
De hoogte van de alimentatie voor de ex-partner en de kinderen is afhankelijk van de behoefte aan alimentatie enerzijds en financiële draagkracht anderzijds. Daarbij wordt rekening gehouden met de fiscale bepalingen. Het uitgangspunt tijdens de bemiddeling is om uw besteedbaar inkomen na scheiding en deling inzichtelijk te maken. Op deze wijze verkrijgt u een goed beeld van de werkelijke financiële consequenties van de echtscheiding.
Het is mogelijk om middels een afkoopsom de verplichting tot alimentatie ineens af te rekenen. Een dergelijk afkoopsom kan bestaan uit de betaling van een bedrag ineens, het verstrekken van een recht van bewoning of de overdracht van de eigendom van een woning. Een dergelijke regeling vereist een nauwkeurige bepaling van de financiële en fiscale consequenties. Onze adviseurs zijn hiervan op de hoogte. Echt maatwerk betekent in de praktijk dat een regeling afwijkt van de gemiddelde oplossing.
De alimentatieplicht komt voort uit de verplichtingen die aan het huwelijk of het geregistreerd partnerschap zelf zijn verbonden. Met het al of niet hebben van huwelijkse- of registratievoorwaarden heeft dit niets te maken.
Wanneer er kinderen uit het huwelijk zijn geboren, dan is de hoofdregel dat u verplicht bent 12 jaar partneralimentatie te betalen. Hiervan kunt u in overleg met elkaar afwijken. Gaan u of uw ex-partner daarna trouwen of officieel samenwonen, dan is dat reden tot aanpassing van de alimentatie. Wanneer u alimentatie ontvangt en uw nieuwe partner is in staat om voor u te zorgen, dan is dat reden tot het beëindigen van de alimentatie. Van rechtswege eindigt de alimentatieplicht voor uw ex-partner als u hertrouwt of een geregistreerd partnerschap aangaat. Stel dat daarna uw nieuwe relatie eindigt, dan kunt u niet meer bij uw ex-partner terecht voor het herstel van de partneralimentatie. Vandaar dat het verstandig is om een uitgebreide alimentatieparagraaf op te nemen in uw convenant. Maatwerk is in dit verband het devies!
Stel dat u als alimentatiebetaler meent dat uw ex-partner lijkt samen te wonen, kunt u dan eenzijdig de alimentatie stoppen? Het antwoord op deze vraag luidt: "Neen!". Het is natuurlijk wel verstandig om te proberen onderling andere afspraken te maken met betrekking tot de partneralimentatie. Mediation is de aangewezen methodiek om dit aspect bespreekbaar te maken.
Ook voor kinderen is een echtscheiding een ingrijpende gebeurtenis. Kinderen kunnen zich schuldig voelen en worden maar al te vaak geconfronteerd met loyaliteitsproblemen. Hieraan dient uiteraard aandacht besteed te worden. Maar ook allerlei praktische zaken moeten geregeld worden, waarbij de belangen van de kinderen centraal staan. Specifieke aandacht vraagt de herdefiniering van de relatie. Men is geen partner meer maar deelt nog wel het ouderschap.
Door gewijzigde financiële omstandigheden van (een van) beide ex-partners kan de hoogte van de partneralimentatie en / of de kinderalimentatie gewijzigd worden. Als de uw inikomen als alimentatieplichtige ineens een stuk lager wordt, dan kan dit betekenen dat de alimentatie wordt verlaagd. Van belang hierbij is dat u dit in goed overleg en op redelijke gronden bespreekbaar maakt met uw ex-partner aan wie u alimentatie betaald.
Voor partners die gehuwd zijn onder het maken van huwelijkse voorwaarden bepalen de huwelijkse voorwaarden wie recht heeft op welke vermogensbestanddelen en of in principe enige verrekening van (tijdens het huwelijk opgebouwde) vermogen of inkomsten dient plaats te vinden. Mede gezien het in de wet opgenomen beginsel van "redelijkheid en billijkheid" geven huwelijkse voorwaarden nogal eens aanleiding tot verschillende zienswijzen tussen partners ten aanzien van de uitwerking ervan bij echtscheiding. Over vele situaties is reeds jurisprudentie, doch de feiten zullen uiteindelijk de rechter leiden bij zijn beslissing.
Zeker in het geval wanneer aan de zijde van de ontvanger de financiële behoefte nog steeds aanwezig is. De mediator kan samen met u aan de hand van de zogenaamde Tremanormen de redelijkheid en billijkheid van uw verzoek inzichtelijk maken voor elkaar. U zult net zoals de rechter dit bekijkt de mate van verwijtbaarheid willen vaststellen van de inkomensdaling. Is uw draagkracht "door eigen schuld" gedaald dan mag uw ex-partner daar niet de dupe van worden.
Heeft andersom de alimentatiegerechtigde ineens een hoger inkomen, dan kan ditook leiden tot herziening van het bedrag. Er is dan immers sprake van een lagere behoefte aan financiële ondersteuning.
Als u onderling overeenstemming kunt bereiken over de hoogte en de termijn van de partner- en/of kinderalimentatie, dan kunt u deze aanpassing(en) van uw afspraken net als bij het opstellen van uw echtscheidingsconvenant het beste schriftelijk laten vastleggen bij uw mediator, advocaat of notaris.
Kinderalimentatie is een onderhoudsplicht van ouders naar hun minderjarige kinderen. Er wordt wel eens gedacht dat het een onderhoudsplicht is van de ene ouder aan de ouder waarbij de kinderen wonen, maar dat is niet juist. De wet spreekt van een ouderhoudsplicht van (stief)ouders, die naar draagkracht verplicht zijn bij te dragen in de kosten van verzorging en opvoeding van hun minderjarige (stief-)kinderen tot zij 21 jaar zijn.
In de praktijk worden richtlijnen gehanteerd om bij benadering de werkelijke kosten per kind te berekenen. In deze richtlijnen worden de volgende aspecten meegenomen:
- het 'vroegere gezinsinkomen' of 'huidig hoger inkomen niet verzorgende partner';
- de leeftijden van de kinderen;
- het aantal kinderen binnen het gezin.
Nadat de kosten van de kinderen zijn vastgesteld worden deze verminderd met de kinderbijslag. Het gevonden bedrag wordt vervolgens verdeeld over de beide (stief)ouders.
De verzorgende ouder levert veelal een bijdrage in de vorm van kost, inwoning en verzorging. De bijdrage van de niet-verzorgende ouder vindt dan plaats in de vorm van een maandelijks bedrag dat wordt overgemaakt aan de verzorgende ouder, zolang het kind bij die ouder woont. De maandelijkse bijdrage kan niet hoger zijn dan de maximale draagkracht. Uw mediator kan voor u een maatberekening maken.
De hoogte van kinderalimentatie wordt bepaald door enerzijds de draagkracht van de alimentatiebetaler en anderzijds de financiële behoefte van het kind. Stel dat hier sprake is van een kind wat volledig zelfstandig in zijn of haar levensonderhoud kan voorzien, dan is de behoefte nihil en stopt de kinderalimentatie voor dat kind. Vervolgens kan er in de situatie dat er meerdere kinderen zijn op basis van de Tremanormen een nieuwe berekening worden gemaakt die de kosten bepalen van die kinderen. De beschikbare draagkracht van beide ouders leidt dan tot een aangepaste herverdeling van de kosten van de kinderen. Op deze wijze kan de bijdrage per ouder naar redelijkheid en billijkheid worden vastgesteld.
Wat is de invloed van een nieuwe partner op de hoogte van de kinderalimentatie?
Het uitgangspunt is dat kinderen in beginsel niet slechter af moeten zijn na en door de scheiding van hun ouders. Bij verhoging van het inkomen na de scheiding geldt dat deze van invloed is op de vaststelling van de behoefte van de kinderen. Immers van die verhoging zouden de kinderen ook hebben geprofiteerd wanneer de ouders niet waren gescheiden. Dit houdt in dat het (fictieve) gezinsinkomen omhoog gaat en daarmee ook de kosten van de kinderen volgens de eerder genoemde richtlijnen.
Als een van de ex-partners opnieuw trouwt of gaat samenwonen met een nieuwe partner, die zichzelf kan onderhouden, geldt dat de ex-partner de vaste lasten kan delen. Hierdoor wordt het besteedbaar inkomen hoger. Daardoor houdt hij of zij meer over voor kinderalimentatie.
Dit kan een reden voor de alimentatiegerechtigde zijn om herziening van de alimentatie aan te vragen en in overleg te treden met de ex-partner. Zo'n overleg heeft kans van slagen als het eerder vastgestelde bedrag voor kinderalimentatie niet meer 'redelijk' voelt. Wees ook zuinig op de relatie met uw ex-partner annex mede-ouder. U doet er verstandig aan om een dergelijk verzoek vooraf te laten toetsen. Daarmee toont u aan dat u zorgvuldig omgaat met elkaar en de gemaakte afspraken.
Een veelgestelde vraag is de volgende: "Als ik mijn kinderen meeneem op zomervakantie, kan ik dan minder kinderalimentatie betalen?" Als de omgangsregeling goed is berekend, zijn vakanties hierin meegenomen. De vaste aftrek per dag per kind die u als alimentatieplichtige kan opvoeren is dan ook voor de vakanties al in uw lasten meegenomen. Het antwoord is dan ook: "Neen". De kosten van het kind over het gehele jaar zijn omgerekend naar een gemiddelde per maand. Vandaar dat deze gewoon doorlopen en aanpassing van de kinderalimentatie dan ook niet juist is.
|